Coornhert over verdraagzaamheid (1): geloofstwisten in de zestiende eeuw

Dirck Volckertszoon Coornhert heeft zich zijn hele leven lang ingezet voor verdraagzaamheid. Om zijn denkbeelden omtrent dit thema te kunnen begrijpen, is het nodig eerst in te gaan op de context waarin ze ontstaan zijn. Daarna zullen zijn Bijbelse en kentheoretische argumenten behandeld worden. Vervolgens zal in worden gegaan op zijn visie op het geloof. Ten slotte zullen enkele politiek-sociale argumenten worden besproken en zal zijn kijk op de rol van de overheid uiteen worden gezet.

Adriaan de Weerdt, gegraveerd door Dirck Volckertsz Coornhert, 'Onschuldige Christenen worden vervolgd', gravure en ets (1604) [bron: Rijksmuseum Amsterdam]

Adriaan de Weerdt, gegraveerd door Dirck Volckertsz Coornhert, 'Onschuldige Christenen worden vervolgd', gravure en ets (1604) [bron: Rijksmuseum Amsterdam]

Voorvechter van verdraagzaamheid

‘Al in mijn jeugd wist ik dat veel mensen zijn gedood vanwege misdaden en religie,’ schrijft Coornhert in Proces van ’t Ketterdooden (geciteerd in Bonger, 1978, p. 208). ‘De overheid werd geprezen om het doden van moordenaars. Want de bevolking begreep dat dit was omwille van hun veiligheid en om slechte mensen af te schrikken. Maar nooit hoorde ik vrome mensen de overheid prijzen als zij iemand gedood had om het geloof: dat keurden zij af, want zij vonden dat onrechtvaardig. Men hoorde dwalende mensen te onderwijzen. Het waren goede lieden en ze deden niemand kwaad.’

Coornhert dankt zijn bekendheid met name aan zijn inzet voor godsdienstvrijheid. Dit vraagstuk was in zijn tijd bijzonder actueel. Katholieken en gereformeerden vlogen elkaar in de haren over de vraag welke leer de juiste was. Vaak werd hun strijd niet alleen met woorden gevoerd, maar ook met geweld. Coornhert verzocht de strijdende kampen keer op keer elkaar te verdragen, in plaats van te vervolgen.

Geloofstwist

De waarheid van de rooms-katholieke leer was in de Middeleeuwen onbetwistbaar. In de loop van de vijftiende eeuw nam de kritiek op deze kerk echter toe. Met name de grote rijkdommen van de paus en bisschoppen waren mikpunt van commentaar. Deze kritiek bereikte in 1517 zijn hoogtepunt met de 95 stellingen van Luther. Deze leidden tot zijn excommunicatie. Luther besloot daarop zijn eigen kerk op te richten. Het protestantisme was een feit.

Luther onthult het bedrog van de katholieke geestelijkheid, 1604. prent van Coornhert naar een ontwerp van Adriaan de Weerdt

Adriaan de Weerdt, gegraveerd door Dirck Volckertsz Coornhert, 'Luther onthult het bedrog van de katholieke geestelijkheid', gravure en ets (1604) [bron: Rijksmuseum Amsterdam]

Deze gebeurtenis zette de deur open voor meer afscheidingen. De belangrijkste drie protestantse stromingen in de Nederlanden waren het lutheranisme, anabaptisme en calvinisme. De rooms-katholieke leer was niet langer de enige. Zij moest zich nu staande zien te houden tegenover een veelheid van kerken.

Kettervervolgingen

De afgescheiden kerken vormden in de ogen van de Rooms-Katholieke Kerk een gevaar voor Gods ware leer (en bovendien voor haar macht). Zij reageerde dan ook met een strenge politiek van vervolging. In de Nederlanden werd, in 1550, het Bloedplakkaat afgekondigd: het drukken, schrijven, verspreiden en bezitten van ketterse boeken en afbeeldingen werd met de doodstraf bestraft. 169 mensen werden veroordeeld. Zeventien jaar later volgden met Alva’s Bloedraad nog eens 1073 mensen.

Onwetendheid verhult dat de vrede slechts schijn is, 1604. Prent van Coornhert naar een ontwerp van Adriaan de Weerdt

Adriaan de Weerdt, gegraveerd door Dirck Volckertsz Coornhert, 'Onwetendheid verhult dat de vrede slechts schijn is', gravure en ets (1604) [bron: Rijksmuseum Amsterdam]

Coornhert was niet overtuigd door dit alternatief. Zo’n straf was misschien minder zwaar, maar er bleef sprake van onderdrukking. Bovendien, wat als een ketter zijn boete betaald had, en zijn ketterse praktijken daarna voortzette? Met een boete is de ketterij nog niet uitgeroeid. De katholieken en protestanten zouden het hier niet bij laten, dacht hij. Elke vorm van gewetensdwang zou uiteindelijk altijd leiden tot het doden van ketters. De enige juiste weg was die van volledige gewetensvrijheid.