Van Kana naar Emmaüs: illustraties op de typografische titelpagina's belicht

In een aantal edities van Het rechte gebruyck van des Heeren H. avondtmael vinden we op de typografische titelpagina een drukkersmerk. Drukkersmerken zijn afbeeldingen die door drukkers en uitgevers als firmateken in hun uitgaven werden aangebracht. Meestal werden ze op de typografische titelpagina boven het daadwerkelijke impressum geplaatst. In de 17e eeuw zijn het vaak emblemen, zo ook in het geval van Hugo Rijckhals en Jacob van Royen; in de 18e eeuw worden monogrammen populair.

Bij enkele 18e-eeuwse edities van Het rechte gebruyck is er iets ongewoons aan de hand. Hier is namelijk een merk gebruikt uit een veel eerdere periode en van een heel andere drukker: de begin 17e-eeuwse Amsterdamse drukker Marten Jansz Brandt. Dit merk verbeeldt de Emmaüsgangers en verwijst naar het Bijbelvers Lucas 24:32: "En zij zeiden tot elkander: Was ons hart niet brandende in ons, als Hij tot ons sprak op den weg, en als Hij ons de Schriften opende?" De bijbeltekst over het brandende hart sluit aan bij de achternaam van de drukker. Marten Jansz Brandt was werkzaam van 1613 tot 1649 en zijn weduwe, die ook gebruik maakte van het Brandt-drukkersmerk werkte nog door tot 1669.

De Drelincourt-edities met het Brandt-merk dateren echter uit het tweede kwart van de 18e eeuw. Het blijkt te gaan om uitgaven door leden van de 'kleine' bijbelcompagnie die gebruik maken van Brandts drukkersmerk voor hun eigen godsdienstige uitgaven, zoals Het rechte gebruyck. We komen op titelpagina's van deze uitgaven door de "kleine" compagnie twee versies van Brandts drukkersmerk tegen. De uitgebreidere versie toont Jezus en twee van zijn leerlingen in een landschap. Dit landschap is omkaderd en om de voorstelling heen is een deel van het betreffende bijbelvers geciteerd. De simpelere versie toont enkel de drie figuren met eronder een verwijzing naar het bijbelvers. Leuk detail is dat de figuren in de ene versie naar links lopen en in de andere naar rechts.

Blijft de vraag waarom de leden van de compagnie gebruik maken van het drukkersmerk van Brandt en hoe zij aan het houtblok met de voorstelling komen. Relaties tussen Brandt en de bijbelcompagnie kunnen niet worden aangetoond. Er bestaat ook geen familiaire band tussen Marten Jansz Brandt en Hendrik Brandt, een van de leden van de 18e-eeuwse groep drukkers, ondanks de naamsgelijkenis.

Misschien moeten we terug gaan naar het Bijbelverhaal van de Emmaüsgangers om helderheid te brengen in dit merkwaardige gegeven. De twee leerlingen komen Jezus tegen onderweg naar Emmaüs, ze herkennen hem in eerste instantie niet, pas als hij met hun een maaltijd nuttigt, het brood zegent, breekt en deelt, begrijpen zij wie met hen gelopen is. Het verhaal van de gezamenlijke maaltijd sluit inhoudelijk goed aan bij het avondmaalsboekje. In dit geval wordt het oorspronkelijke drukkersmerk van Brandt dus hergebruikt door zijn 18e-eeuwse collega's als illustratief element op de titelpagina. Wellicht maakte het merk van Brandt ook een goede indruk in gereformeerde kringen. Marten Jansz Brandt had zich namelijk in zijn tijd een naam verworven als drukker van de contraremonstranten en van de Nadere Reformatie. De beoogde doelgroep van het boekje was deze drukker zeker niet onbekend.

Behalve het als illustratie gebruikte drukkersmerk van Brandt kan men nog twee andere illustratieve voorstellingen op typografische titelpagina's van een aantal Drelincourt-edities vinden. Op de illustratie van een laat 17e-eeuwse editie wordt een graanakker tijdens het oogsten getoond. Op de voorgrond zien we Jezus met een man. Jezus maakt een wijzend gebaar naar het veld toe alsof hij zijn begeleider iets wil uitleggen. Een van de mogelijke bijbelteksten die deze afbeelding zou kunnen tonen is de gelijkenis van het "onkruid tussen het graan" (Mattheus 13:24-30). Behalve de oogstende mensen op de akker zijn er echter niet veel duidelijke aanwijzingen in de houtsnede te herkennen die op dit verhaal inspelen. Wellicht is deze illustratie oorspronkelijk voor een ander boek bedoeld geweest en heeft de drukker dit plaatje enkel uitgekozen vanwege de associatie van graan met brood, dat wederom genuttigd wordt tijdens het Avondmaal.

Een derde illustratie verbeeldt de bruiloft te Kana, een verhaal waarin eveneens het samen eten en vieren een rol speelt en waarin de bruiloftssymboliek van het Avondmaal doorklinkt. Op de voorgrond is te zien hoe een knecht de kruiken, die buiten aan een bron met water zijn gevuld, voor Jezus neerzet. Jezus, de eerste persoon aan de rechterkant, houdt zijn hand boven de kruiken en verandert het water in wijn. Ook deze houtsnede is waarschijnlijk niet specifiek vervaardigd voor Het rechte gebruyck. De illustratie komt namelijk voor in verschillende uitgaven van leden van de 'kleine compagnie'. Deze gaven veel 'klein kerkgoed' uit, en de voorstelling van de bruiloft te Kana is vrij breed in allerhande religieus getinte boeken te gebruiken.

We kunnen dus concluderen, dat de houtsnedes op de typografische titelpagina's, anders dan de zes gegraveerde illustraties die wel speciaal vervaardigd waren voor dit avondmaalsboekje, een eerder en ook breder gebruik moeten hebben gekend. Het krachtigste voorbeeld voor dit typische hergebruik van houtblokken voor andere titels, is zeker wel de toepassing van Brandts drukkersmerk als illustratie een eeuw na zijn dood.

Henrike Hövelmann