WO I: Sport in neutraal Nederland, 1914-1915

Terwijl de Eerste Wereldoorlog in de omringende landen woedde, probeerde men in het neutrale Nederland zo normaal mogelijk te doen. Wat moest men anders? Na een korte onderbreking door de mobilisatie kwam de sportbeoefening in Nederland weer op gang. Op basis van berichten uit Delpher een terugblik op de sportberichten uit het eerste oorlogsjaar.

Organiseren van de sportbeoefening

Ook in Nederland werden in de tweede helft van de negentiende eeuw sportverenigingen opgericht. Dat werd mogelijk door de verstedelijking, het ontstaan van een middenklasse die over vrije tijd beschikte, en de overheid die van gymnastiek een schoolvak had gemaakt (1857). Vervolgens kwamen er bij scholen gymlokalen en in gemeenten sportterreinen en -faciliteiten. Door de Olympische Spelen van 1896 kreeg de Nederlandse sport een impuls. Daaraan namen weliswaar geen Nederlandse sporters deel, maar dat feit vormde juist de aanleiding om de landelijke sport beter te organiseren, zodat Nederland aan de volgende Spelen kon meedoen. Kortom, sport ‘leefde’ rond 1914. Dat was goed te zien op de foto’s van ‘sportsmen’, sportende vrouwen en toeschouwers in bladen als het Algemeen Nederlandsch Sportblad of de Revue der Sporten. Die bladen brachten ook veel sportnieuws uit het buitenland.

Mobilisatie en oorlog

Begin augustus 1914 brak de Eerste Wereldoorlog uit, waarbij Duitsland, België en Engeland waren betrokken. Het dagelijks leven in het neutrale Nederland raakte erdoor ontregeld, ook de sportbeoefening in competitieverband. In het Rotterdamsch Nieuwsblad van 3 augustus stond kort en krachtig: ‘Alle wedstrijden van welken aard ook, gaan morgen niet door’. De Tijd meldde twee dagen later dat de Nederlands kampioenschappen roeien, gepland voor 8 en 9 augustus, waren afgelast. Op 19 augustus schreef De Telegraaf dat de Nederlandsche Voetbalbond geen competitie zou organiseren, zolang het leger gemobiliseerd was. De wedstrijdsport in Nederland lag die maand nagenoeg stil, omdat door de mobilisatie sportteams incompleet waren of omdat op sportterreinen soldaten werden gelegerd.

Sport in neutraal Nederland

Omdat Nederland buiten de oorlog bleef, kwam het sportleven daarna geleidelijk weer op gang. Er werden bijvoorbeeld wedstrijden georganiseerd voor het goede doel. Op de Amsterdamse wielerbaan vonden op zondag 6 september nationale wedstrijden plaats. De opbrengst ging naar het Koninklijk Nationaal Steuncomité, dat was opgericht om gezinnen te helpen die in de problemen waren geraakt door de oorlog. Het Volk meldde daags erna dat het evenement een groot succes was geweest, de ‘opkomst van het publiek was schitterend’. De Nederlandsche Voetbalbond had besloten een noodcompetitie op te starten. Er verschenen weer voetbaluitslagen in de krant (Algemeen Handelsblad, 1 september). Eind september werden in Delft wedstrijden ‘slingerbal’ gehouden. Het Nieuws van den Dag (28 september) publiceerde de uitslagen ervan. Die sport kende in 1914 nog regionale competities. Ook de korfballers konden weer het veld op. De Nederlandsche Korfbalbond was erin geslaagd competities te organiseren. Door de mobilisatie waren wel veel teams wel gewijzigd (Nieuws van den Dag, 3 oktober).

Voorjaar 1915

Anders dan velen begin augustus 1914 hadden verwacht, was in januari 1915 de ‘Europeesche Oorlog’ nog in volle gang. Nederland raakte gewend aan het nieuws daarover, dat was ‘dagelijkschen kost’. Men besefte dat de mobilisatie nog wel even ging duren. De regering en de gemeenten moesten oplossingen vinden voor de opvang van tienduizenden geïnterneerden en vluchtelingen. Daarnaast probeerde men zoveel mogelijk het gewone leven, waaronder de sportbeoefening, te laten doorgaan. Er valt daarom allerlei sportnieuws in de kranten te vinden.

Wintersport 1915

Skiën in de Alpen was in de jaren vóór 1914 voor de meer bemiddelden betaalbaar geworden. Door de oorlog was het aantal toeristen echter lager dan normaal. In Zwitserland bleven veel hotels dicht, in Duitse hotels in de skigebieden bestond een deel van de gasten uit herstellende oorlogsgewonden. Vergelijkbare berichten kwamen er uit Oostenrijk en Frankrijk. Aan de Zuid-Franse kust waren hotels inmiddels ook militaire hospitalen geworden.

In de oorlogvoerende landen bestond het treinverkeer grotendeels uit militair of gewondenvervoer, waardoor gewone toeristen moeilijker konden reizen. Men 'voelde de oorlog', aldus het Algemeen Handelsblad (21 januari 1915), dat aannam dat niet veel Nederlanders naar de skigebieden zouden vertrekken.

Sporten door geïnterneerden

Tienduizenden vluchtelingen en militairen waren geïnterneerd in Nederland. Wat moesten zij de hele dag doen? Sporten bood velen van hen uitkomst. Zo organiseerde sportvereniging 'Gaasterland' gedurende drie maanden competities met voetbal- en kaatswedstijden waaraan Belgische geïnterneerden konden meedoen (Algemeen Handelsblad, 18 maart 1915). Het Nieuwsblad van het Noorden (24 april 1915) kondigde een schaakmatch aan te Groningen tussen twee teams van 22 spelers, Engelse geïnterneerden tegen Nederlandse schakers. De maand daarop vierde in diezelfde stad Rennerclub “Groningen”’ zijn vijfjarig bestaan met wieler- en atletiekwedstrijden. Allerlei takken van de fietssport stonden op het programma, maar ‘speciaal de ontmoeting België-Engeland-Nederland’ beloofde veel (Nieuwsblad van het Noorden, 20 mei 1915). Begin juni speelde een Hilversums cricketteam met een paar gastspelers een wedstrijd tegen Engelse geïnterneerden, alweer in Groningen (Algemeen Handelsblad, 6 juni 1915).

Europese en wereldkampioenschappen?

De oorlog bemoeilijkte het houden van internationale sportwedstrijden. De Internationale Schaatsenrijders-Unie gelastte de Europese en wereldkampioenschappen hardrijden en ‘schoonrijden’ af (Nieuwsblad van het Noorden, 4 januari 1915). De Telegraaf (20 januari 1915) schreef dat de Engelse 'Wieler-Bond in verband met den oorlog’ geen wereldkampioenschappen wielrennen kon organiseren. De Verbonden Nederlandsche Roeiverenigingen vergaderden niettemin over een locatie voor de Europese kampioenschappen roeien, waarvoor het Noordzeekanaal geschikt leek. In het bericht daarover in het Algemeen Handelsblad (27 februari 1915) stond geen woord over de oorlog. Die kampioenschappen zijn overigens niet doorgegaan.

Olympische Spelen

In 1912 waren er Olympische Spelen gehouden in Stockholm; de volgende Olympiade zou plaatsvinden in Berlijn. De voorbereidingen daarvoor gingen ondanks de oorlog door. Het Volk (8 februari 1915) schreef over Duitse sportbladen die van mening waren dat Olympische wedstrijden tegen sporters uit ‘vijandelijke’ landen niet mogelijk waren. Het Volk meende dat dit indruiste tegen de Olympische gedachte en de verbroedering op het sportveld.

Een sportdemonstratie in het Berlijnse stadion uit: Revue der Sporten, 27 januari 1915

Een sportdemonstratie in het Berlijnse stadion uit: Revue der Sporten, 27 januari 1915

'Slachtoffers van den oorlog'

De Nederlandse sportliefhebber en krantenlezer kreeg regelmatig berichten onder ogen over internationaal bekende sporters die waren gesneuveld, gewond of onder de wapenen geroepen. Enkele van die nieuwsberichten staan hier afgebeeld, er waren er meer.

Uit: De Telegraaf, 7 januari 1915

Uit: De Telegraaf, 7 januari 1915

Uit: De Telegraaf, 23 januari 1915

Uit: De Telegraaf, 23 januari 1915

Uit: De Telegraaf, 16 juni 1915

Uit: De Telegraaf, 16 juni 1915

Zie ook