Kuifje

Op 10 januari 1929 verscheen de stripfiguur Tintin (Kuifje) voor het eerst in een beeldverhaal in Le Petit Vingtième, de wekelijkse kinderbijlage van de Brusselse krant Le Vingtième Siècle. Georges Remi (R.G., op zijn Frans Hergé, 1907-1983) was toen illustrator van de krant en hij coördineerde de kinderbijlage. In zijn debuutverhaal maakte Tintin als reporter een treinreis naar de Sovjet-Unie samen met Milou (Bobbie), een witte fox-terriër met menselijke trekjes. De krant wilde zijn lezertjes de wereld laten zien en het communisme aan de kaak stellen.

Tintin wordt Kuifje

De wekelijkse avonturen van Tintin bleken een groot succes. Op de woensdagen dat Le Petit Vingtième verscheen stuwden zij de verkoop van de krant op. Hergé liet op Tintin au pays des Soviets de verhalen Tintin au Congo (1930-1931) en Tintin en Amérique (1931-1932) volgen. Albums van die verhalen kwamen er spoedig en vonden gretig aftrek. Een Nederlandstalige versie van Tintin verscheen in 1940 in een proefnummer van het jeugdblad De Bengel. Het eerste volledige verhaal in het Nederlands - Tintin in Congo - startte in september van dat jaar in de Vlaamse krant Het Laatste Nieuws. In oktober 1943 werd Tintin voor het Nederlandse publiek omgedoopt tot Kuifje - middenin het verhaal De geheimzinnige Ster.

Verre reizen

Er verschenen drieëntwintig Kuifjealbums, waarin de eeuwig jonge reporter de hele wereld over reist. Van China in De Blauwe Lotus (1936) tot Peru in De zonnetempel (1949). Vijf verhalen, waaronder De scepter van Ottokar (1939) en De zaak Zonnebloem (1956) spelen zich af in het fictieve Oost-Europese land Syldavië. Kuifje was zijn tijd ver vooruit: 15 jaar vóór Neil Armstrong zette hij al voet op de maan in Mannen op de maan (1954). Het laatste officiële album Kuifje en de Picaro’s dateert uit 1976.

Internationaal succes en politieke gevoeligheden

De avonturen zijn in achtenvijftig talen verschenen en er zijn meer dan tweehonderd miljoen albums verkocht. In China werd Kuifje pas in 2001 officieel geïntroduceerd - deels vanwege gevoelig liggende verhalen als Kuifje in Tibet (1960), deels vanwege auteursrechtelijke obstakels. De Blauwe Lotus, waarin Hergé ten tijde van de Japanse bezetting partij kiest voor China, verscheen eerst in 1993 in het Japans.

Kuifje en zijn tegenspelers

Kuifje is een ouderwetse held: dapper en onvermoeibaar, degelijk en onkreukbaar. De braverik wordt omringd door vermakelijke medespelers, zoalsde goedzakkige, whiskydrinkende kapitein Haddock. Veel aandacht kreeg Haddocks scheldvocabulaire, waaronder het welbekende “duizend bommen en granaten!”. Daarnaast treden op: het blunderende detective-duo Jansen en Janssen, de opera-diva Bianca Castafiore en de eigenzinnige en hardhorende professor Zonnebloem.

Parodieën en pastiches

Op Kuifje zijn tientallen parodieën gemaakt. Inmiddels zijn er meer persiflages in omloop dan oorspronkelijke titels. Vele daarvan zijn politiek-anarchistisch of pornografisch van aard: zoals
Kuifje in El Salvador *en *Kuifje in Zwitserland. Maar ook is opgetekend hoe Kuifje de strijd aangaat met een andere superheld in
*Tintin contre**Batman*. Hij werkt samen met Sherlock Holmes in *Sherlock et Tintin*. Sinds eind vorige eeuw treden de erven Hergé streng op tegen Kuifje-parodieën. In 1995 werd graficus en Hergé-bewonderaar Joost Veerkamp beschuldigd van plagiaat: voor
*Vrij Nederland* had hij zes paginagrote pastiches op Kuifje-omslagen getekend. Deze zaak werd uiteindelijk geschikt.

Wordt vervolgd

Voor liefhebbers van Kuifje komt er nog het een en ander. Steven Spielberg werkt aan een Kuifje-verfilming, een langgekoesterde wens van de regisseur. Met geavanceerde animatietechnieken moet het project resulteren in een Tintin-trilogie. De eerste film is gebaseerd op het dubbelluik Het geheim van de Eenhoornen
De schat van Scharlaken Rackham (1944). ‘Alleen Spielberg kan Kuifje geloofwaardig verfilmen’, zou Hergé ooit gezegd hebben. In 2010 kunnen we zien of hij gelijk krijgt. En er is meer: in mei 2009 opent Musée Hergé zijn deuren. Hergé’s weduwe Fanny Rodwell heeft op 21 mei 2007 de eerste steen gelegd van dit museum in het centrum van Louvain-la-Neuve.

Controversiële onderwerpen

Vaak is Hergé verweten dat zijn visie op de wereld politiek incorrect, bevooroordeeld en discriminerend was. Daarom werden albums deels of geheel aangepast. In de eerste Amerikaanse editie van Tintin in America* (1973) werden enkele stereotype afbeeldingen van zwarte Amerikanen weggelaten. Voor een heruitgave in 1971 van *Hetzwarte goud (1950) zijn pagina’s aangepast om de Palestijnse kwestie te verwijderen. En in 1954 werden wijzigingen aangebracht in *De **geheimzinnige ster* (1946): de slechteriken waren niet langer Amerikanen, maar afkomstig uit het fictieve Sao Rico. De ‘te joodse’ naam Blumenstein werd veranderd in Bohlwinkel.

Kuifje in Afrika

Maar het album dat in de loop der jaren de meeste weerstand heeft opgeroepen is Kuifje in Congo, in Nederland later Kuifje in Afrika getiteld. Dit is vaak bestempeld als racistisch en kolonialistisch. Er was ook kritiek op hoe er met dieren werd omgesprongen. Thema en toon van het verhaal waren Hergé ingefluisterd door zijn werkgever Norbert Wallez, die de Belgische jeugd iets wilde leren over de waarden van het kolonialisme. Later bekende Hergé dat onwetendheid en paternalisme de oorzaken waren van deze ‘jeugdzonde’. Hij hertekende het album zodat de verwijzingen naar Congo als Belgische kolonie verdwenen. In de jaren ‘70 verwijderde Hergé op verzoek van de Scandinavische uitgevers een scène waarin Kuifje met dynamiet een neushoorn laat ontploffen. In 2005 verscheen een ingekleurde versie in het Engels voorzien van uitleg over de historische context. In 2007, na een uitspraak van de Britse Commission for Racial Equality, verplaatsten boekverkopers *Tintin **in **theCongo* naar de volwassenenafdeling. Door die uitspraak werd het album in Groot-Brittannië zeer goed verkocht.

De Alfa-kunst

Tijdens de voorbereidingen van het vierentwintigste Kuifje-album (Kuifje en de Alfa-kunst) overleed Hergé. Van dit verhaal - over de handel in kunstvervalsingen en een mysterieuze sekte - bleven ruwe schetsen, een onaf scenario en enkele pagina's over. Hiervan verscheen in 1986 een facsimile-uitgave. Verschillende tekenaars hebben het album alsnog voltooid en uitgegeven. In 1988 verscheen een anonieme editie van *Tintin et**l'Alph-art*. Bekender is de versie (1995) van de Canadese tekenaar Yves Rodier. Van zijn interpretatie bestaan verschillende edities; alle pagina’s daarvan zijn te bekijken op internet. Met Studio Hergé heeft Rodier gesproken over een gezamenlijke officiële versie van het album. Omdat Hergé’s weduwe geen toestemming wilde geven is het zover nooit gekomen.
Alle pagina's van Yves Rodiers *Tintin et l'Alph art* zijn te bekijken op:

Kuifje curiosa

De Koninklijke Bibliotheek bezit enkele bijzondere uitgaven van Kuifje. Bij voorbeeld een pop-up boek Explorers on the moon uit 1992 (aanvraagnummer BJ Z0314). Daarnaast zijn er een spelletjesblok uit 1986 (aanvraagnummer ND 1986/2225) en uit 1993 *Tufke :**Kuifje in het Fries *(aanvraagnummer 5054770)

Literatuur

Links

De avonturen van Kuifje in de Sovjet-Unie, 1929/1930

De avonturen van Kuifje in de Sovjet-Unie, 1929/1930

Hergé en Kuifje verslaggevers : van Le petit vingtième tot het weekblad Kuifje / Philippe Goddin, 1986

Hergé en Kuifje verslaggevers : van Le petit vingtième tot het weekblad Kuifje / Philippe Goddin, 1986

De Zonnetempel, 1949

De Zonnetempel, 1949

Hergé en Kuifje : een dubbelbiografie / Harry Thompson, 1991

Hergé en Kuifje : een dubbelbiografie / Harry Thompson,1991

Kuifje in Zwitserland, 1983

Kuifje in Zwitserland, 1983

De wereld van Hergé / Benoît Peeters, 1980

De wereld van Hergé / Benoît Peeters, 1980

Duizend bommen en granaten...! / Albert Algoud, 1991

Duizend bommen en granaten...! / Albert Algoud, 1991

De albums van Kuifje in concreto / Peter Ottens, 1992

De albums van Kuifje in concreto / Peter Ottens, 1992