Utrecht

Willibrord richtte het Bisdom van Utrecht in 722 op. De kathedraal (Domkerk) in Utrecht was de zetel van dat Bisdom, dat het grootste deel van Noordelijk Nederland in de laatmiddeleeuwen besloeg. In de vijftiende eeuw had Utrecht meer dan twintig kloosters en godsdienstige huizen. Sommige van deze kloosters produceerden manuscripten, maar de commerciële productie van manuscripten overtrof ver de productie in godsdienstige huizen. Enkele van de fijnste Nederlandse verluchters worden geassocieerd met de stad van Utrecht, met inbegrip van de Meester van Evert Zoudenbalch en de Meester van Gijsbrecht van Brederode.

Kaart van Utrecht. Uit: De stadsplattegronden van Jacob van Deventer, cop. 1993.

Kaart van Utrecht. Uit: De stadsplattegronden van Jacob van Deventer, cop. 1993.

Meesters van Otto van Moerdrecht

Eén van de Meesters van Otto van Moerdrecht schilderde zowel Christus aan het Kruis (fol. 61v) als Pinksteren (fol. 79v). Typisch van zijn stijl zijn het gebruik van levendige kleuren en grote hoeveelheden goud, en fantasievolle landschappen met bomen in de vorm van lollies. Eén of meer van deze meesters werkten in Utrecht alvorens naar Vlaanderen te verhuizen. Deze meesters hielden zich meestal bezig met de verlichting van getijdenboeken voor privé-gebruik, zoals KB 135 K 11. Fol. 56v van dit getijdenboek heeft een bladvullende miniatuur met Pinksteren, waarin de cijfers in wat donkerder kleuren geschilderd zijn. Christus aan het Kruis in het zelfde manuscript (fol. 89v) bevat slechts drie cijfers in een smalle ruimte, terwijl de miniatuur met het zelfde onderwerp in het Bout handschrift zeven figuren in een zeer diep landschap bevat. De lezer die het Bout handschrift aan het begin van de Getijden van het Heilige Kruis opende, zou onmiddellijk geconfronteerd worden met kleur: roze, groene, rode en paarse verf en inkt, en goud. De hemel achter Christus wordt gemaakt van gepoetst en fonkelend goud, dat met uiterst kleine speldeprikken is gedetailleerd zodat het lijkt alsof de stralen van het licht van hem afkomstig zijn.

Fol. 61v. Meesters van Otto van Moerdrecht, Christus aan het kruis

Fol. 61v. Meesters van Otto van Moerdrecht, Christus aan het kruis

Fol. 79v. Meesters van Otto van Moerdrecht, Pinksteren

Fol. 79v. Meesters van Otto van Moerdrecht, Pinksteren

KB 135 K 11, fol. 56v. Meesters van Otto van Moerdrecht, Pinksteren

KB 135 K 11, fol. 56v. Meesters van Otto van Moerdrecht, Pinksteren

KB 135 K 11, fol. 89v. Meesters van Otto van Moerdrecht, Christus aan het kruis

KB 135 K 11, fol. 89v. Meesters van Otto van Moerdrecht, Christus aan het kruis

Meester van Gijsbrecht van Brederode

De miniatuur bij de belangrijkste tekst in het boek, de Mariagetijden, werd uitgevoerd door de Meester van Gijsbrecht van Brederode, die naar het getijdenboek wordt genoemd dat hij voor de deken van de kathedraal van Utrecht uitvoerde. Samen met de Meester van Evert van Zoudenbalch was de Meester van Gijsbrecht van Brederode de belangrijkste verluchter van Utrecht in het midden van de vijftiende eeuw. Het oeuvre van deze kunstenaar, voor zover het is overgeleverd, is niet zeer groot en bestaat uit miniaturen en historiserende initialen in ongeveer tien getijdenboeken. Sommige hiervan werden uitgevoerd door leerlingen die zijn stijl kopieerden. Het grootste deel van deze getijdenboeken worden nu bewaard in buitenlandse verzamelingen, met inbegrip van het handschriftt waarnaar hij wordt genoemd (Luik, Universiteitsbibliotheek, Hs. Wittert 13). De Aankondiging in het Bout-handschrift is charmant in ontwerp en uitvoering. De Maagd in deze miniatuur heeft verscheidene gebedsboeken, die zij op planken boven haar bed heeft staan. Door het open venster en de deur, zien wij een landschap met een stad op de achtergrond.

Luik, Universiteitsbibliotheek, Hs. Wittert 13, fol. 13v. Maria in Sole

Luik, Universiteitsbibliotheek, Hs. Wittert 13, fol. 13v. Maria in Sole

Fol. 17v: Master of Gijsbrecht van Brederode, Annunciation

Fol. 17v: Master of Gijsbrecht van Brederode, Annunciation