Nederlandse Historiebijbel

Eén van de meest indrukwekkende prestaties van de Noordnederlandse boekschilderkunst is ongetwijfeld de schepping van een doorlopende illustratiecyclus voor de bijbelvertaling die bekend staat als Nederlandse Historiebijbel. De tekst is een compilatie samengesteld uit de vertalingen van de zgn. ‘vertaler van 1360’, waarschijnlijk een Brabantse monnik, en Johannes Scutken, een kloosterling uit de kring van de Moderne Devotie. De bijbelse stof is aangevuld met verhalen uit de profane geschiedenis, terwijl moeilijke passages worden toegelicht door stukken uit de Rijmbijbel van Jacob van Maerlant - in de handschriften meestal met rood omkaderd. De bewerking maakte vooral in de Noordelijke Nederlanden grote opgang: thans zijn nog circa twintig gehele of gedeeltelijke exemplaren bekend, voor het merendeel ontstaan in Utrecht en te dateren tussen 1430 en 1478. De tweedelige Historiebijbel in de Koninklijke Bibliotheek is het rijkst verluchte exemplaar dat bewaard is gebleven. Het bevat niet minder dan 69 gehistorieerde initialen aan het begin van de afzonderlijke boeken en 509 kleine miniaturen in de tekst. De verluchting werd uitgevoerd door acht kunstenaars, waarvan er zes het leeuwedeel voor hun rekening namen. De geschiedenis van Samson werd geschilderd door de zgn. Meester van Otto van Moerdrecht, die 136 miniaturen verzorgde voor de boeken Josua tot Tobias. Zijn stijl wordt gekenmerkt door de heldere kleuren en kleine, poppetjesachtige figuren, die zich bewegen in een glooiend landschap met puntige rotsen en steeds een rivier op de voorgrond. De miniatuur linksboven toont Samson die de deuren van de stadspoort van Gaza op zijn rug heeft genomen, terwijl in die rechtsonder Delilah zijn haren, de bron van zijn kracht, afknipt. Belangrijk is de Bijbel ook vanwege de aanwijzingen voor de schilder die op veel plaatsen in de marge te vinden zijn, en die inzicht geven in de artistieke praktijk van de illustratie. Bij de Meester van Otto van Moerdrecht zijn deze aanwijzingen (helaas) geschreven op de plek waar later de miniatuur moest komen: aan de bovenrand van de miniatuur rechts is nog net een gedeelte van de bovenste regel zichtbaar.

Historiebijbel. Utrecht, ca. 1430. Perkament, 2 dln., 291+298 folia, 400 x 302 mm. - Herkomst: aangekocht door koning Willem I en in de Koninklijke Bibliotheek geplaatst, 1829. - 78 D 38, dl. 1, fol. 152v

Historiebijbel. Utrecht, ca. 1430. Perkament, 2 dln., 291+298 folia, 400 x 302 mm. - Herkomst: aangekocht door koning Willem I en in de Koninklijke Bibliotheek geplaatst, 1829. - 78 D 38, dl. 1, fol. 152v

Literatuur

J.A.A.M. Biemans. Middelnederlandse bijbelhandschriften. Leiden 1984, nr. 252
De verluchte handschriften en incunabelen van de Koninklijke Bibliotheek. 's-Gravenhage 1985, nr. 144-145
The golden age of Dutch manuscript painting. Stuttgart 1989, nr. 38.