Het reisverhaal Nippon

Hong Kong - Nagasaki

Na de lange reis door Sumatra, Java en Bali bereikte het echtpaar Couperus in februari 1922 Hong Kong. Couperus en zijn vrouw hadden heel weinig tijd voor China, want er was al oponthoud in Borneo geweest en koste wat het kost wou Couperus op tijd in Japan zijn om de beroemde kersebloesems te zien bloeien. In ijltempo deden ze enkele bezienswaardigheden aan, zo bezochten ze bijvoorbeeld het Portugese Macau. Via Shanghai bereikten ze uiteindelijk de haven van Nagasaki. Tijdens een tocht per auto deed Couperus zijn eerste indrukken van het landschap op: 'Het Japansche landschap, zooals je het kent van lakwerk en porcelein en schilderkunst... bestaat. Het is precies zoo, als ze het je hebben afgebeeld. Gestyleerd maar toch realistisch. Het was geen aardigheid en fantasie van de Japansche artisten. Wat je reeds kende als kunst of wat daarvoor doorging... zie je nu, niet in een droom, maar met je lichamelijke oogen.'

Teleurstelling

Louis en Elisabeth Couperus doorkruisten grote delen van Japan. Van Nagasaki ging het naar Kobe en Kyoto. Yokohama werd aangedaan, evenals Tokio. Couperus liet zich overrompelen door Japan en deed uitgebreid verslag van zijn bevindingen in de Haagsche post. Al snel bekroop hem echter een gevoel van teleurstelling over wat hij zag. Couperus ergerde zich aan de tegenstellingen: in de tempels en paleizen was het smetteloos schoon, maar op straat was het vaak vreselijk vies: 'Tegenover de meticuleuze reinheid in paleizen en vele woningen staat de smerige onzindelijkheid in straten en publieke parken. Tegen de gewoonte van het zeer warme bad, staat het uitzicht van het gewone volk, dat slordig is en afkeerwekkend van vele huidziekten.' Couperus concludeerde dat de Japanners een 'hybridisch' volk zijn: 'antiek en modern, artistiek fijn en plomp, verzorgd rein of zeer vuil', alles bestond naast elkaar.

Nikko

Couperus deed in zijn feuilletons zijn uiterste best om Japan te bewonderen. Hij had zoveel over het land en de cultuur gehoord vóór hij er een voet aan wal zette, maar al heel snel schrijft hij: 'Laat mij het nu maar ronduit bekennen: ik heb sedert korten tijd prachtige dingen gezien in Japan, maar... ik ben niet meer enthouziast. Het spijt mij. Ik ben het gaarne. Maar het is mij hier onmogelijk.' Maar hij verklaart dan ook meteen niet te willen doorschrijven 'in toonaard van deceptie', hij zet door en belooft zoveel mogelijk te zien en te beschrijven. En zo raakte Couperus af en toe toch sterk onder de indruk. Een hoogtepunt was bijvoorbeeld het bezoek aan de stad Nikko, waar de graftempels staan van beroemde Shoguns: 'Indien gij mij vraagt, wat mij het meeste, het allermeeste getroffen heeft in Japan, dan antwoord ik: Nikko.' Nauwgezet beschrijft Couperus de geschiedenis van de Shoguns, de militaire heersers die eeuwenlang het bewind over Japan voerden naast de als goddelijk beschouwde, maar feitelijk machteloze Keizer.

Ziek

Couperus leerde Japan misschien wel het beste kennen toen hij in het ziekenhuis terecht kwam. Al vroeg aan het begin van zijn reis werd Couperus namelijk ernstig ziek, hij moest worden opgenomen in een ziekenhuis in Kobe, omdat men tyfus vermoedde. Zeven weken lang lag Couperus in het ziekenhuis en in die weken leerde hij zijn verpleegsters Handa en Araya heel goed kennen. Toen Couperus door zijn hevige pijnen verklaarde dat het voelde alsof een vos van hem binnen openrijtte, vertelden zij hem de Japanse legende van de Vos: de betoverde vos neemt soms bezit van het lichaam van mensen. Hij leerde ook dat hij bij de ontfermende Boeddha, de Boeddha Amida, zijn heil kon zoeken tegen de betovering. Couperus werd gegrepen door de legende en had zo'n pijn dat hij zelf 's nachts biddend zijn toevlucht zocht bij Amida: 'Amida! bid ik. Amida! Neem weg van mij die pijnen... Ik kreun van die pijnen, ik kreun van dien vos.'

Saga Kawamoto

Na zeven weken ziekenhuis kon Couperus zijn reis voortzetten. Na Kobe ging het richting Yokohama en Tokio. In deze fase van de reis kreeg het echtpaar Couperus een nieuwe gids: Saga Kawamoto. Couperus raakte zeer op hem gesteld. Kawamoto wist hem binnen te leiden in Japanse werelden die anders gesloten bleven en hij vertelde Couperus over Japanse legenden. Kawamoto bleek een Japanner met relativeringsvermogen en scherp inzicht: 'Wat ik tevens in hem waardeer is... dat deze Japanner volstrekt niet een onbevooroordeeld ophemelaar is van zijn land. Als ik eens op zachte wijze iets critizeer in Japan en Japanner... is hij het soms wèl bedachtzaam met mij eens, en dat volstrekt niet uit knechtschap van gids. Neen, deze man, die van het gids-schap een overdachte studie heeft gemaakt en, steeds zich zelven blijvend, reeds over honderd onderwerpen met mij praatte, heeft de bizondere eigenschappen, die niet altijd zijn de algemeene van zijn volk.' Een aantal foto's in Nippon is van de hand van Saga Kawamoto.

De nachtlooze paleizen

Tot de indringendste gedeelten in Nippon behoren de feuilletons die Couperus schreef over de prostitutiewijken in Japan. Couperus had er veel over gelezen en wilde ze met eigen ogen aanschouwen. Gids Kawamoto begeleidde hem naar 'De nachtlooze paleizen', de bordelen van Yokohama. Wat Couperus daar zag, vervulde hem met de diepste afschuw. En hij gruwde van de geschiedenis van de 'nachtlooze paleizen'. Ze waren eeuwen geleden ingesteld door de Shoguns als 'huizen van Noodzakelijk Kwaad' waaraan jonge meisjes werden opgeofferd: 'Als hunne ouders arm of ziek waren, dwong de kinderlijke liefde, dat groote beginsel van den Shinto-godsdienst, waarmede het Boeddhisme zich wel vereenigen kon, haar maagdenlijf te verkoopen of minstens aan een waard te verhuren voor zóóvele jaren, dat zij na deze niets meer zoû zijn dan een verschrompelde bloem. Tot verschrompelde bloemen mochten de uitgediende vrouwen worden, en ergens aan den weg neêrgesmeten, vertrapt of opgevreten door de honden, als de mannen maar geen "uitgerafelde draden" werden.'

Louis Couperus, Nippon (1925)

Louis Couperus, Nippon (1925)

Louis Couperus, Nippon (2013)

Louis Couperus, Nippon (2013)

Advertentie voor Tor Hotel in Kobe (uit Murray's hand-book Japan, 1913)

Advertentie voor Tor Hotel in Kobe (uit Murray's hand-book Japan, 1913)

F. Hadland Davis, Mythen & legenden van Japan (1914)

F. Hadland Davis,Mythen & legenden van Japan (1914)

Plattegrond van Yoshiware uit J.E. De Becker, The nightless city of the geisha: the history of the Yoshiwara (1987)

Plattegrond van Yoshiware uit J.E. De Becker,The nightless city of the geisha: the history of the Yoshiwara (1987)

Dansende courtisane uit uit J.E. De Becker, The nightless city of the geisha: the history of the Yoshiwara (1987)

Dansende courtisane uit uitJ.E. De Becker,The nightless city of the geisha: the history of the Yoshiwara(1987)