A. den Doolaard (1901-1994)

Zeventwintig jaar oud was de schrijver A. den Doolaard, toen hij op een septemberdag in 1928 opstond van zijn kantoorstoel en vertrok, in een onrustig verlangen naar ‘een horizon die ik nog steeds niet heb bereikt.’ Een leven van reizen en schrijven volgde. Dit jaar twintig jaar geleden overleed ‘de Leeuw van Hoenderloo’. In Apeldoorn is tot 1 juni 2014 een tentoonstelling aan hem gewijd.

Zwerflustige jeugd

A. den Doolaard werd op 7 februari 1901 in Zwolle geboren als Cornelis Johannes George Spoelstra, zoon van Alida Hunningher en Cornelis Spoelstra. Als driejarige vertrok hij met zijn ouders en zus naar Zuid-Afrika, waar Cornelis sr., oorspronkelijk Nederlands-Hervormd predikant, onderzoek deed naar de geschiedenis van de Nederduits-Gereformeerde kerken in Zuid-Afrika. Vader Spoelstra was een onrustige geest met een grote zwerflust, in de korte periode dat het gezin in Zuid-Afrika woonde wisselde het zeventien keer van standplaats.
Naast geloof in christelijke waarden en een grote lust tot reizen kreeg Den Doolaard ook de sportieve Friese genen van zijn vaderskant mee. Al vanaf jonge leeftijd bekwaamde hij zich in vele sporten, zoals schaatsen en hardlopen. De fysieke kracht die hij zo opbouwde kwam hem ook in zijn latere zwervende leven goed van pas.

Boekhouder-dichter

Vader Spoelstra overleed in 1918 na een langdurige ziekte. Hoewel hij liever was gaan studeren besloot Cornelis te gaan werken. Zijn baan als boekhouder en later redacteur bij de Bataafsche Petroleum Maatschappij was tamelijk onbevredigend voor de sportieve en dichterlijke jongen. In zijn vrije tijd stortte hij zich dan ook op het artistieke en literaire leven in Den Haag, waar hij door zijn vriend, de toneelschrijver Eduard Veterman, was geïntroduceerd. Vanaf zijn zeventiende had Cornelis –‘Bob’ voor intimi– honderden gedichten geschreven, die geen van alle, zoals hij zelf later toegaf, de moeite waard waren gepubliceerd te worden. In 1920 verscheen zijn gedicht ‘Credo’ in het literaire tijdschrift Het getij, nog onder zijn eigen naam C. Spoelstra jr. Pas vanaf 1922 publiceerde hij onder zijn pseudoniem A. den Doolaard.

Poëziedebuut

Het zou nog enkele jaren duren, tot 1926, voordat zijn eerste bundel gedichten verscheen: De verliefde betonwerker, uitgegeven door A.A.M. Stols. Het exemplaar van de KB bevat een opdracht aan ‘Pop’ Werumeus Buning, echtgenote van de letterkundige J.W.F. Werumeus Buning, die kenmerkend is voor de onstuimige jonge dichter : ‘Voor Pop Buning,/ in onvergetelijke herinnering/ aan haar, in verrukking/ aangehoorde, toast op de/ "kleine witte voetjes"/ Bob / (zijn misdaden vindt men/ hierachter, in rood en zwart)/ (want rood is zijn Vikingbloed,/ en pikzwart zijn heidensch hart)/ Lente 1927.

'Drift tot leven'

In de periode tussen de twee wereldoorlogen raakte Den Doolaard steeds meer geïnspireerd door het vitalisme, de literaire stroming waarbij, zoals Marsman het omschreef ‘De waarde van het kunstwerk zal [...] worden bepaald door de mate waarin intens leven in intense poëzie is omgezet’. Den Doolaard beschreef die drang tot het leven zelf zo: ‘Vitalisme is één worden met het leven en er in onderduiken. Vitalisme is de drift tot leven, en dat overal op aarde, de drang om zich in te leven in vreemde werkelijkheden en bestaanstoestanden.’
Niet lang na het verschijnen van zijn eerste bundel hing Den Doolaard zijn kantoorbaan aan de wilgen om voor een nieuw bestaan te kiezen, een dat zijn pseudoniem eer aandeed. Het was het begin van een zwervend leven waarmee hij pas op zeer hoge leeftijd stopte.
Vol overgave stortte hij zich op het schrijversbestaan. Van zijn spaargeld reisde hij door Frankrijk, van het Parijs van Hemingway en James Joyce tot de besneeuwde bergtoppen van Chamonix. Tussendoor verdiende hij geld als druivenplukker, havenarbeider, rozenkweker of boerenknecht.

Tweede vaderland

In 1931 maakte Den Doolaard ook zijn eerste reis naar de Balkan. Geïnspireerd door een krantenartikel was hij vanuit Frankrijk tamelijk halsoverkop naar Joegoslavië gereisd om daar getuige te zijn van de onafhankelijkheidsstrijd van de Macedonische komitadji’s, een in zijn ogen prachtig onderwerp voor een roman. Voor Den Doolaard was het de kennismaking met volkeren in wie hij veel van zijn passies en onrust herkende, en een tweede vaderland waar hij telkens weer naar terug zou keren.

Romans en reisverslagen

De ervaringen die hij al reizend en werkend opdeed beschreef hij in verschillende reisverslagen en romans. De druivenplukkers, zijn romandebuut waarin hij zijn ervaringen als druivenplukker in Frankrijk beschreef, verscheen in 1931 en was meteen een groot succes in Nederland. Ook de romans die kort daarna volgden bleken bestsellers: zeker zijn Balkan-romans De herberg met het Hoefijzer (1933) en Oriënt-Express (1934) waren grote successen, niet alleen in Nederland maar ook daarbuiten. In literaire kringen werd zijn werk met minder enthousiasme ontvangen, Menno ter Braak bijvoorbeeld vond zijn breedgeschouderde proza te oppervlakkig: ‘een schrijver van de buitenkant’.

Hakenkruis over Europa

Vanaf halverwege de jaren dertig trok Den Doolaard als reisverslaggever voor het socialistische dagblad Het Volk door heel Europa. Reizend door Italië, Duitsland en Oostenrijk was hij getuige van het opkomend fascisme en nationaal-socialisme. Deze ontwikkelingen baarden hem grote zorgen. In een serie artikelen voor Het Volk –later gebundeld in Hakenkruis over Europa (1938) – waarschuwde hij voor de gevaren, maar zijn zorgen werden, zeker in de vroege jaren dertig, nog door weinigen gedeeld.

Stem van Radio Oranje

Zijn kritische houding had echter als gevolg dat hij bij het uitbreken van de oorlog vrijwel meteen op een lijst van door de Duitse bezetter gezochte personen werd geplaatst. Vanuit België, waar Den Doolaard en zijn tweede vrouw Erie zich in 1939 uit voorzorg hadden gevestigd, vluchtten ze per fiets naar Vichy-Frankrijk. Na een overwintering in Zuid-Frankrijk wisten ze via Spanje en Portugal begin 1941 Engeland te bereiken. In Londen kon Den Doolaard als omroeper aan het werk bij de Brandaris en Radio Oranje. Als de stem van Radio Oranje wist hij met zijn commentaren en felle anti-naziteksten vervolgens gedurende de hele oorlog veel mensen in bezet in Nederland moed in te spreken. Na zijn terugkeer was hij als verbindingsofficier betrokken bij de drooglegging van Walcheren, dat tijdens de oorlog onder water was gezet. De reportage Dit is Walcheren (1946) en de roman *Het verjaagde water *(1947) zijn beide gebaseerd op zijn ervaringen bij de droogmaking van het eiland. *Het verjaagde water, *geschreven binnen vijf maanden, werd een bestseller en was ook internationaal een groot succes.

Altijd zwerven

Ook na de oorlog bleef Den Doolaard een zwervend bestaan leiden. Samen met zijn vrouw en kinderen verbleef hij onder meer in Amerika, Noorwegen en Joegoslavië. Begin jaren vijftig vestigde hij zich in Hoenderloo, waar hij tot het einde van zijn leven bleef wonen. Als correspondent van De Gelderlander reisde hij de hele wereld rond, van Joegoslavië en Griekenland tot India en Thailand, vaak samen zijn vriend, fotograaf Cas Oorthuys.

Steeds geëngageerd

Den Doolaard bleef tot aan zijn dood een zeer geëngageerd persoon. In krantenartikelen waarschuwde hij vanaf 1949 onophoudelijk tegen de wapenwedloop met atoomwapens. Als secretaris van de internationale schrijversvereniging PEN zette hij zich in tegen de inperking van de persvrijheid in vele delen van de wereld. De oorlog in Joegoslavië die aan het eind van zijn leven uitbrak, ging hem zeer aan het hart. Ook vlak voor zijn overlijden schreef en sprak hij nog hartstochtelijk over dit onderwerp.
Den Doolaard overleed op 26 juni 1994 in zijn woonhuis in Hoenderloo.

Tentoonstelling

In het kader van het boekenweekthema rond reizen houdt het CODA te Apeldoorn tot en met 1 juni 2014 de tentoonstelling ‘A. den Doolaard - zwerver, schrijver en journalist’. Deze tentoonstelling behandelt het leven en werk van de ‘Leeuw van Hoenderloo’. Zijn liefde voor de Balkan en onafhankelijke geest komen uitgebreid aan bod, in de vorm van boeken, brieven en objecten.

De Koninklijke Bibliotheek bezit vrijwel alle werken van A. den Doolaard. Die zijn via de catalogus aan te vragen.

Literatuur

Links

Dronken van het leven : A. den Doolaard, zwerver, schrijver, journalist / Hans Olink, 2011

Dronken van het leven : A. den Doolaard, zwerver, schrijver, journalist / Hans Olink, 2011. Aanvraagnummer: 4295383

De verliefde betonwerker / verzen van A. den Doolaard, 1926

De verliefde betonwerker / verzen van A. den Doolaard, 1926. Aanvraagnummer: KW 55 F 19

Opdracht van A.den Doolaard in De verliefde betonwerker

Opdracht van A.den Doolaard in De verliefde betonwerker

De druivenplukkers / door A. den Doolaard, 1931

De druivenplukkers / door A. den Doolaard, 1931. Aanvraagnummer: 1454 H 24

Bujtina me potkua / A. den Dolard, 1993. Aanvraagnummer: AFF 976. Albanese vertaling van De herberg met het hoefijzer

Het hakenkruis over Europa : een grote reportage / A. den Doolaard, 2004

Het hakenkruis over Europa : een grote reportage / A. den Doolaard, 2004. Aanvraagnummer: 2251567; eerste druk verscheen in 1938

Wampie : de roman van een zorgeloze zomer / A. den Doolaard, 1951. Aanvraagnummer: 2360419; eerste druk verscheen in 1938

Prinsen, priesters en paria's : reizen door India en Thailand / A. den Doolaard, 1962

Prinsen, priesters en paria's : reizen door India en Thailand / A. den Doolaard, 1962. Aanvraagnummer: 6113 B 13

Dit is Joegoslavie͏̈ / foto's van Cas Oorthuys ; tekst van A. den Doolaard, 1957

Dit is Joegoslavie͏̈ / foto's van Cas Oorthuys ; tekst van A. den Doolaard, 1957. Aanvraagnummer: 2127461