Bob den Uyl (1930-1992)

Op 2 juni 2012 werd de Bob den Uyl Prijs uitgereikt. Het is een jaarlijkse prijs voor het beste reisboek uit het jaar daarvoor die de VPRO-gids in 2003 heeft ingesteld om deze schrijver te eren. De winnaar in 2012 is P.F. Thomése met het boek Grillroom Jeruzalem.

De naamgever aan deze prijs was een grootmeester in het schrijven van absurde en droogkomische verhalen. Zijn hoofdpersoon is vaak een solitaire man die in situaties verzeild raakt die hij niet helemaal kan doorgronden, maar die daar meestal tamelijk laconiek onder blijft. Zijn verhalen lijken soms realistisch of autobiografisch, maar vaak nemen ze volstrekt bizarre wendingen. Tot zijn bekendste bundels behoren Een zachte fluittoon, Gods wegen zijn duister en zelden aangenaam en De ontwikkeling van een woede. Daarnaast schreef Bob den Uylgedichten, vertaalde hij Engelstalige literatuur en heeft hij publicaties op zijn naam staan over de Eerste Wereldoorlog en het wielrennen.

Rotterdam

Jacob (Bob) den Uyl werd op 27 maart 1930 geboren in Rotterdam, als zoon van een politie-agent en een Duitse moeder. Als kind maakte hij het bombardement op de stad zeer bewust mee. Na de Mulo hield hij zich in leven met diverse kantoorbaantjes. Ook vertaalde hij softporno voor obscure uitgeverijen, en speelde hij trompet in verschillende jazzbands.
Bob den Uyl is altijd in Rotterdam blijven wonen met zijn echtgenote Toos, met wie hij één zoon kreeg: Hugo.

‘Een beeld van mijn drukke werkzaamheden’

In 1960 verscheen Bob den Uyls officiële debuut in het literaire tijdschrift Gard sivik: het verhaal ‘Een beeld van mijn drukke werkzaamheden.’Hierin meent een man inspecteur te zijn. Hij belt aan bij een willekeurige dame, stelt haar vreemde vragen en gooit al het glaswerk aan gruzelementen. Het verhaal krijgt wel zeer surrealistische trekken als de inspecteur en de dame, die godsdienstlerares blijkt te zijn, elkaar beminnen in de glasscherven: ‘Struikelend en elkaar ondersteunend bereikten we de hoop glasscherven. Wij wentelden ons hierin om en om in woordelooze vreugde. Het geluk was wel met mij.’

Vogels kijken

Zijn debuutverhaal werd opgenomen in Den Uyls officiële eerste boek, de verhalenbundel Vogels kijken (1963), waarin meer uiterst merkwaardige verhalen staan. In het titelverhaal heeft de hoofdpersoon de gave om bijzondere vogels te zien. Hij benut dat talent om ook zeldzame kunstwerken te ontdekken en wordt zo in één klap multi-miljonair. Daardoor wordt hij overmoedig en verraadt zijn geheim - dan blijkt dat de vogels hem hebben verlaten. Wanhopig gaat hij naar ze op zoek, maar geen vogel toont zich meer aan hem.

'Gods wegen zijn duister en zelden aangenaam'

In de jaren zeventig worden de werken van Bob den Uyl ogenschijnlijk wat realistischer en ironischer. In 1975 breekt hij door naar een groter publiek met de bundel Gods wegen zijn duister en zelden aangenaam. In het openingsverhaal, ‘Het rechtzetten van een misvatting’, bezoekt een fietser Keulen. Hij spreekt met enkele inwoners en heeft veel problemen met zijn fiets. Bob den Uyl weet zo een uiterst boeiend relaas op te bouwen, waarin eigenlijk niets gebeurt. Waarom de eenzame fietser juist in Keulen rondrijdt, is ook onduidelijk.

Reiziger

Bob den Uyl heeft veel reisverhalen geschreven, verhalen waarin veel gefietst wordt. Hij wordt daarom wel een ‘reisschrijver’ genoemd, maar zelf hield hij niet zo van die benaming. Hij vond zichzelf een gewone schrijver. Zijn verhalen zijn dan ook geen reportages over andere culturen. Ze gaan eigenlijk nooit om het bezochte vreemde gebied, maar altijd om de reiziger: een man alleen op zoek naar iets dat nooit helemaal duidelijk wordt. In De ontwikkeling van een woede (1972) formuleerde hij daarover de ‘Wet van Den Uyl’: ‘Je vindt niet wat je zoekt, maar alleen dat wat je niet zoekt.’

'Opkomst en ondergang van de zwarte trui'

Al werden zijn verhalen realistischer en beschrijvender, het surrealisme zou altijd op de loer blijven liggen. In Opkomst en ondergang van de zwarte trui (1982) weet Den Uyl zijn grote liefde voor het wielrennen en zijn hang naar het absurde te combineren in het titelverhaal. Hierin wordt een geheime wielerrace gehouden bij nacht. Als het niet donker genoeg wordt, dalen de de renners uiteindelijk af in ondergrondse mijngangen. In het pikkedonker achtervolgen ze elkaar. De koploper draagt uiteraard ‘de zwarte trui.’

Een levende schrijver

Bob den Uyl overleed op 13 februari 1992, 61 jaar oud, aan longemfyseem. Het werk van de Rotterdammer is opvallend populair gebleven. Sinds zijn overlijden zijn veel initiatieven ontplooid om het oeuvre van Den Uyl levend te houden, waaronder de bovengenoemde prijs.
In 2008 publiceerde Nico Keuning zijn veelgeprezen biografie van Bob den Uyl: Een zeker onbehagen. In 2011 verscheen het eerste nummer van Bobschrift, een tijdschrift dat geheel gewijd is aan Bob den Uyl.

Literatuur

Titels door en over Bob den Uyl

Links

Bob den Uyl bij de DBNL
Webpagina voor de Bob den Uylprijs

Een zeker onbehagen : een biografie van Bob den Uyl / Nico Keuning, 2008

Een zeker onbehagen : een biografie van Bob den Uyl / Nico Keuning, 2008

Vogels kijken / Bob den Uyl, 1963

Vogels kijken / Bob den Uyl, 1963

Gods wegen zijn duister en zelden aangenaam / Bob den Uyl, 1975

Gods wegen zijn duister en zelden aangenaam / Bob den Uyl, 1975

De vliegende fiets / Bob den Uyl, 1986

De vliegende fiets / Bob den Uyl, 1986

Gauw tevreden zijn is een gave : gedichten / Bob den Uyl, 2008

Gauw tevreden zijn is een gave : gedichten / Bob den Uyl, 2008

Bobschrift ... : verhalen en artikelen, 2011

Bobschrift ... : verhalen en artikelen, 2011