F. Springer (1932-2011)

De schrijver en oud-diplomaat F. Springer, pseudoniem van C. J. Schneider, is op 8 november 2011 op negenzeventigjarige leeftijd overleden. Schneider was jarenlang bestuursambtenaar en diplomaat in landen als Nieuw-Guinea, de Verenigde Staten, Iran en de DDR. Schneider begon eind jaren vijftig met het schrijven van verhalen, toen nog onder zijn eigen naam. Zijn officiële debuut, Bericht uit Hollandia, verscheen in 1962 onder pseudoniem. F. Springer is veelvuldig gelauwerd voor zijn romans en verhalen, die bijna altijd in den vreemde spelen. Tot zijn bekendse titels horen Bougainville, Sterremeer, Teheran, een zwanezang en Bandoeng-Bandung.

Nederlands-Indië

Carel Jan Schneider werd op 15 januari 1932 geboren in Batavia, voormalig Nederlands-Indië. Als jongen werd hij met zijn familie door de Japanse bezetter geïnterneerd. Na de bevrijding trok de familie naar Nederland waar Schneider het gymnasium bezocht en Rechten studeerde in Leiden. Nederlands-Indië was in 1949 voor Nederland verloren gegaan, maar het westelijk deel van Nieuw-Guinea bleef tot 1962 bij het Koninkrijk. Daar was Schneider van 1958 tot 1961 actief als bestuursambtenaar. Zijn herinneringen aan Nederlands-Indië zou hij later boekstaven in Bandoeng-Bandung uit 1993 en Kandy, een terugtocht uit 1998.

Bericht uit Hollandia

Al in 1958 publiceerde Schneider onder zijn eigen naam een verhaal in een bloemlezing: ‘Een eskimo op het dak’. Dit werd pasin 2002 in boekvorm gebundeld, samen met andere jeugdverhalen. Toen in 1962 zijn officiële debuut verscheen, gebruikte hij voor het eerst zijn pseudoniem F. Springer. In dit debuut, Bericht uit Hollandia, verwerkte Springer zijn ervaringen in Nederlands Nieuw-Guinea. Deze verhalenbundel wordt al bevolkt door Springers kenmerkende personages: Nederlandse of westerse opscheppers, rokkenjagers en avonturiers, maar ook onzekere figuren die zich niet goed staande weten te houden in het onbekende land. De latere toevoeging Schimmen rond de Parula maakt dit op bijna absurdistische wijze duidelijk. De vreemde omgeving versterkt steeds de verhoudingen tussen de personages die noodgedwongen opelkaar zijn aangewezen.

Ambassadeur

Na zijn tijd als bestuursambtenaar op Nieuw-Guinea werd Schneiderer diplomaat op diverse ambassades over de hele wereld, bijvoorbeeld in New York, Dhaka in Bangladesh en in Teheran. Over New York schreef Springer Tabee, New York uit 1974, een roman over de gesloten wereld van (Indische-) Nederlanders in New York, maar ook over de verleidingen van overspel, dat echter door de hoofdpersoon aan het einde van het verhaal wordt afgekapt. Het enige wat dan nog volgt is een pijnlijke afscheidsreceptie op de ambassade. ‘Gelukkig had niemand tijd om mij naar Kennedy Airport brengen.’

Teheran, een zwanenzang

Toen in 1979 de Sjah van Perzië het veld moest ruimen voor ayatollah Khomeini, was Schneider diplomaat in Teheran. Over deze omwenteling schreef hij de roman Teheran, een zwanezang. Hoofdpersoon is de schrijver Toby Harrison die wordt ingevlogen om een biografie over de Sjah te schrijven. Harrison verliest zich in zijn onderwerp en in zijn liefde voor Patricia, de persoonlijk secretaresse die hem is toegewezen. Hij heeft, in tegenstelling tot Patricia, niet in de gaten hoe Iran verandert. Ternauwernood weet hij het land te ontvluchten als het wordt overgenomen door de fundamentalisten.

Bougainville

In 1981 verscheen één van Springers beroemdste boeken: Bougainville, een gedenkschrift. Het speelt in het Bangladesh van na de onafhankelijkheid, waar Schneider zelf geruime tijd ambassadeur was. Zoals alle romans van Springer gaat ook dit boek eigenlijk niet over het vreemde land, maar om de personages die in een onbekende omgeving terechtkomen. De ontwikkelingswerker Bo ontmoet in Bangladesh zijn oude Javaanse schoolvriend Tommie. Tommie verdrinkt bij een zwempartij, waarna Bo een pakketje krijgt met documenten uit Java die hem terugvoeren naar zijn jeugd.

Quadriga

Schneiders laatste post als ambassadeur was eind jaren tachtig Oost-Berlijn, in de DDR. In maart 1989 verliet Schneider deze post om met pensioen te gaan. De val van de Muur maakte hij dus niet als direct betrokkene mee. Maar in 2010 publiceerde hij Quadriga, een eindspel over de Wende. Quadriga is Springers laatste grote roman. Ook in deze roman laat de hoofdpersoon, de journalist Robert Somers, zich meeslepen door een liefdesaffaire. Zijn geliefde, Monika Rittner, is echter een Stasi-agente. Terwijl de DDR ten onder gaat, verliest ook Robert alle grip op de situatie. Zoals het een personage van Springer betaamt.

Allemaal gelogen

Het is verleidelijk om Springers romans en verhalen sterk autobiografisch te lezen. Toch zijn Springers boeken dat zeker niet. Gebruiken, decors en couleur-locale zal Springer zeker aan eigen waarneming hebben ontleend, maar van één-op-één-relaties tussen Springer en de diplomaat-reizigers die hij ten tonele voert, is geen sprake. Daarvoor was Springer te veel romancier. Puntig werd dit in 2002 uitgedrukt toen een bundel niet eerder in boekvorm gepubliceerde verhalen verscheen onder de titel Allemaal gelogen.

F. Springer ontving in 1992 de Bordewijkprijs voor Bougainville en in 1995 de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre.

Literatuur

Links

Bericht uit Hollandia /  F. Springer, 1962

Bericht uit Hollandia / F. Springer, 1962

Sterremeer / F. Springer; uitg. ter gelegenheid van de Boekenweek 1990

Sterremeer / F. Springer; uitg. ter gelegenheid van de Boekenweek 1990

Quadriga : een eindspel / F. Springer, 2010

Quadriga : een eindspel / F. Springer, 2010

Van K.B. naar KB : een mijmering / F. Springer , 1993

Van K.B. naar KB : een mijmering / F. Springer , 1993

Allemaal gelogen : de herinnering als mooi verhaal / F. Springer, 2002

Allemaal gelogen : de herinnering als mooi verhaal / F. Springer, 2002

Bandoeng-Bandung / F. Springer, 1993

Bandoeng-Bandung / F. Springer, 1993