J.J. Voskuil (1926-2008)

Johannes Jacobus (Han) Voskuil overleed op donderdag 1 mei 2008. Hij leed aan kanker. Net als eerder Hugo Claus dat had gedaan, had hij zelf de dag van zijn overlijden bepaald. Volgens zijn echtgenote Lousje Voskuil-Haspers was het echter toeval dat zijn dood samenviel met de socialistische feestdag 1 mei. Voskuil was weliswaar afkomstig uit een links nest - zijn vader Klaas Voskuil was hoofdredacteur van het socialistische dagblad Het Vrije Volk - maar de rituelen van het socialisme waren aan hem niet besteed.

Zijn grootste bekendheid verwierf hij door de zeven delen en meer dan 5.000 pagina’s tellende cyclus Het Bureau (1996-2000). Voskuil beschrijft in deze roman zijn werkzame tijd als volkskundige bij het Meertens Instituut in Amsterdam, van 1957 tot 1987. De grote populariteit van de boeken van Het Bureau deed de NPS besluiten de cyclus tot een radiohoorspel van in totaal 475 afleveringen te verwerken. De bewerking van Krijn Ter Braak werd eveneens een groot succes. Elke dag luisterde het ongekende aantal van 120.000 tot 150.000 luisteraars naar de radio.

De kracht van de schrijver Voskuil lijkt vooral gelegen in zijn uiterst scherpe waarnemingsvermogen. Maar “Of lezers 5500 bladzijden geboeid zullen blijven, dat interesseert me geen bal”, zei Voskuil eens in een interview. “Daarvoor is het niet geschreven. Ik wilde rekenschap geven en dat is gelukt.” Deze opmerking is kenmerkend voor Voskuil, wiens schrijverschap vooral lijkt ingegeven door een streven naar het doorgronden van zichzelf.

In 1963verscheen Bij nader inzien, dat handelt over de wederwaardigheden van een groepje studenten aan de Universiteit van Amsterdam in de jaren 1946-1953. De conclusie van het boek is dat de onderlinge vriendschap een illusie blijkt te zijn geweest. Het zal later ook het grote onderwerp van Het Bureau worden: het verlies van illusies. Als regisseur Frans Weisz in 1991 een gewaardeerde zesdelige televisieserie van de roman maakt, levert dat een onverhoeds en laat succes op voor een aanvankelijk tamelijk geruisloos verschenen boek.

De kritiek op Voskuil dat de privacy van de in werkelijkheid bestaande mensen die model stonden voor de personages in Bij nader inzien en Het Bureau zou zijn geschonden, wijst de schrijver van de hand: “Ik ben opgegroeid tussen vrienden die op het standpunt stonden dat je alles over elkaar mag publiceren.” Voskuil was van mening dat in Het Bureau sociaal gedrag werd beschreven.

Na Het Bureau *verschenen nog meer boeken van de hand van Voskuil. Drie reisdagboeken: *Terloops : voettochten 1957-1973 in 2004, Buiten schot : voettochten 1974-1982, in 2005 en Gaandeweg : voettochten 1983-1992 in 2006. Niet ongenoemd mogen blijven Onder andere : herinneringen en dagboekbladen (2007) waarin portretten van vrienden en beschrijvingen van huiselijke omstandigheden, en Requiem voor een vriend (2002) waarin een vriendschap van vijftig jaar wordt beschreven.

Voskuil was behalve schrijver ook een groot dierenliefhebber. Hij richtte in 1997 samen met Hans Baaij de stichting Varkens in Nood op tegen de ’gruwelen van de bio-industrie’. De opbrengst van de Libris Literatuurprijs, die hij in 1998 ontving voor het derde deel van Het Bureau, Plankton, ging naar deze stichting.

Literatuur

Requiem voor een vriend

Requiem voor een vriend

Van vlechtwerk tot baksteen

Van vlechtwerk tot baksteen