K. Schippers

K. Schippers (pseudoniem van Gerard Stigter) zet zich al sinds eind jaren vijftig in om het gewone ongewoon te maken. Met J. Bernlef en G. Brands richtte hij in 1958 het tijdschrift Barbarber op, dat in de poëzie de koers omzette van de wilde expressie van de Vijftigers naar directe aandacht voor de realiteit van alledag. Schippers en de andere Barbarber-schrijvers introduceerden de ready-made in de Nederlandse literatuur en relativeerden de grenzen tussen kunst en werkelijkheid. Alles kon voortaan kunst zijn. Barbarber verdween in 1971, maar Schippers ging sindsdien onverdroten door om in gedichten, proza, essays en kunstkritieken zoveel mogelijk verbazing te wekken over de wereld.

Rob Nieuwenhuys

Gerard Stigter alias K. Schippers werd op 6 november 1936 geboren in Amsterdam als zoon van een effectenmakelaar. Op de HBS ontmoette hij Hendrik Jan Marsman, beter bekend onder zijn pseudoniem J. Bernlef, en Gerard Bron (pseudoniem G. Brands). Hun leraar Nederlands was de schrijver Rob Nieuwenhuys. Hij droeg zijn voorliefde voor licht-ironische, humoristische en weemoedige schrijvers als Nescio, Elsschot en Carmiggelt over op de drie vrienden. Deze voorkeur voor het luchtige en (zelf-)relativerende zou Schippers altijd blijven koesteren. Aan literaire schrijvers die zichzelf al te interessant vonden en zich bombastisch op de borst klopten, liet hij zich weinig gelegen liggen. Niet de dichter is interessant, maar het gedicht.

Barbarber

In 1958 richtten de drie jonge mannen het tijdschrift Barbarber op. Het moest een blad worden zonder ‘het serieuze gelul’ van andere bladen. De eerste nummers van Barbarber werden door Schippers c.s. zelf gestencild. Het tijdschrift had (daardoor) een merkwaardig langwerpig formaat. Vanaf 1964 werd het uitgegeven door Querido. Vanaf nummer één was wel duidelijk dat Schippers en de zijnen maling hadden aan de literatuur. Zij predikten in hun tijdschrift dat alles literatuur kon zijn. Dus namen ze gebruiksaanwijzingen van apparaten, gevonden boodschappenbriefjes enzovoorts op als waren het gedichten.

Ready-mades

In Barbarber nam Schippers deze tekst op onder de titel ‘Schildpad’:

‘De fam. v.d. Veer uit de Zeilmakerstraat mist haar 22 jaar oude schildpad. Ze is tot nog toe onvindbaar. De familie v.d. V. is zeer aan de schildpad gehecht. Ze had het dier reeds 17 jaar in haar bezit en indertijd gekregen van zoon E.v.d. Veer, die een paar jaar geleden in een Finse haven om het leven kwam. Ook als herinnering is de schildpad hen daarom zeer dierbaar.’

Mogelijk vond Schippers deze tekst in een huis-aan-huis-blad of aangeplakt op straat. De Barbarber-redactie plaatste dit soort teksten alsof het poëzie was. Maar door die presentatie worden ze ook iets anders, lijken ze meer gewicht te krijgen. Dit soort gevonden teksten wordt ready-mades genoemd, naar Marcel Duchamp die in 1913 een voorvork met wiel van een fiets op een krukje plaatste en daarmee van een gewoon fietswiel opeens heel iets anders maakte. Schippers’ collega Bernlef noemde dit principe ‘het bekende onbekend maken’.

Taal

Barbarber probeerde met taal te doen wat Marcel Duchamp met objecten deed. Gevonden objecten worden in een nieuwe combinatie een kunstzinnige ready-made. Maar taal is iets anders dan een object. Aan woorden zit altijd betekenis vast en interpretatie. Het volgende gedicht nam Schippers in Barbarber op onder de noemer ready-mades:

‘*De autobezitter *

Er stapt een man in een auto
verricht de nodige handelingen
voor het rijden
en rijdt daarna
dan ook
inderdaad weg

Hier ‘vindt’ Schippers eigenlijk niet iets, zoals Duchamp een fietswiel vond, maar hij ‘ziet’ iets, iets heel basaals. En hij verwerkt dat in een gedicht of klein verhaaltje waardoor het raar wordt.

Poëzie

Vanaf zijn eerste poëziebundel, De waarheid als de koe uit 1963, tot en met de jongste, Tellen en wegen uit 2011, onderzoekt K. Schippers de processen van zien en waarneming en verslaglegging van die waarneming. Steeds blijkt dan weer dat het hem niet te doen is om een mooi, gevoelig of poëtisch gedicht. Het dichterlijke kan zelfs een sta-in-de-weg zijn bij een poging om iets te beschrijven. In het gedicht ‘Ja’ uit de eerste bundel probeert Schippers bijvoorbeeld de dichterlijke beschrijvingen weg te schrappen uit een liefdesgedicht om directer te kunnen zeggen hoe hij lief heeft:

'Ja
Ik heb je lief zoals je soms
gelijk een gouden zomerdag bent
nee nee nee
ik heb je lief zoals je bent
nee nee
ik heb je lief zoals
nee
ik heb je lief’

Proza

In zijn romans en verhalen gaat Schippers op vergelijkbare manier te werk als in zijn poëzie. Alles draait om het vergroten van de verbazing en de verwondering. De taal speelt vaak de sleutelrol, op een manier die soms neigt naar het fantastische als het verschil tussen taal en wereld lijkt te kunnen worden opgeheven. In de roman Bewijsmateriaal uit 1978 bepalen de regels uit een grammaticaboek de werkelijkheid en in de roman Zilah uit 2002 neemt de hoofdpersoon bij het merkenbureau een patent op ‘De Nederlandse taal’, waardoor ze de wereld naar haar hand kan zetten.

Inspiratiebronnen

K. Schippers heeft nooit een geheim maakt van zijn inspiratiebronnen. Behalve de kunstenaar Marcel Duchamp waren dat de Dada-beweging met kunstenaars Kurt Schwitters en de avantgardist Theo van Doesburgh die als I.K. Bonset rond 1920 al radicale experimenten uithaalde met taal en poëzie. K. Schippers schreef zelf in 1974 het boek Holland Dada en met Bernlef verzorgde hij in 1967 de bundel Een cheque voor de tandarts, waarin ze de bronnen van Barbarber blootlegden. Die titel was gebaseerd op een anekdote over Marcel Duchamp, die de tandarts niet kon betalen en toen maar terplekke een nieuwe cheque fabriceerde, die evenwel nergens inwisselbaar was. In 2010 publiceerde K. Schippers zijn boek De bruid van Marcel Duchamp, waarin hij verslag doet van zijn reis langs de woonplaatsen van de kunstenaar.

Literatuur

Links

De bruid van Marcel Duchamp / K. Schippers, 2010

De bruid van Marcel Duchamp / K. Schippers, 2010

Barbarber : tijdschrift voor teksten - hier afgebeeld een aflevering uit 1963

Barbarber : tijdschrift voor teksten - hier afgebeeld een afleveringuit 1963

Museo sentimental / K. Schippers, 1989

Museo sentimental / K. Schippers, 1989

Holland Dada / K. Schippers, 1974

Holland Dada / K. Schippers, 1974

De waarheid als De koe / K. Schippers, 1963

De waarheid als De koe / K. Schippers, 1963

Tellen en wegen / K. Schippers, 2011

Tellen en wegen / K. Schippers, 2011