Hiëronymus van Alphen: een bloemlezing

De afbeeldingen in dit hoofdstuk zijn in chronologische volgorde gerangschikt. Ze beiden een willekeurige selectie van aanvullend illustratiemateriaal.

1766

In 1766 schreef Hiëronymus van Alphen een prijzend gedicht over Gillis Alewijn voor de uitgave van diens inaugurele rede: Gillis Alewijn: Specimen academicum inaugurale, exhibens controversias non nullas juridicas, varii argumenti. Trajecti ad Rhenum, ex off. J. Broedelet typ., 1766.

1768

In 1768 promoveerde Hiëronymus van Alphen in de rechten met het proefschrift Dissertatio juridica inauguralis continens spicilegia de Javoleno Prisco, jureconsulto; et Specimen observationum ad quaedam ejusdem fragmenta in Pandectis obvia. Trajecti ad Rhenum, ex off. J. Broedelet typ., 1768.

1774

Johannes Mensert publiceerde in 1774-1775 twee delen met gedichten van Van Alphen en zijn vriend Van de Kasteele onder de titel Zangwyzen tot de Proeve van stichtelyke mengel-poëzy door de heeren H. van Alphen en P.L. van de Kasteele ... gecomponeert voor de zang, violino en basso continuo door den heer J.C. Kleijn. In s' Gravenhage, bij Johannes Mensert, 1774-1775.

1778

Voor de Proeve van kleine gedigten voor kinderen verschenen aparte gravures om bij de teksten in te binden en zichtbaar te maken welke wijze lessen er geleerd konden worden. Ook verschenen er muziekstukjes om de gedichten te zingen, de beste manier tenslotte om ze de jeugd goed in te prenten. De uitgave van de gedichten verscheen met een vervolg en een tweede vervolg: Proeve van kleine gedigten voor kinderen. Te Utregt, : bij de Wed. Jan van Terveen en Zoon, 1778. Een exemplaar in de Koninklijke Bibliotheek (aanvraagnummer: BJ 25384) bevat tevens: Vervolg der kleine gedigten voor kinderen / van Mr. Hieronijmus van Alphen. Te Utregt, : bij de Wed. Jan van Terveen en Zoon, 1778; en: Tweede vervolg der kleine gedigten voor kinderen. Te Amsteldam, : gedrukt voor Arie Goejet, [s.a]; en: Muziekstukjes voor de proeve van kleine gedigten voor kinderen van H. van Alphen, / gecomponeerd door B. Ruloffs ... ; in 't koper gebragt door C.H. Koning. - Te Amsterdam: bij Gerbrand Roos, ca. 1780.

1780

In 1780 publiceerde Van Alphen het tweede deel van zijn theoretische geschrift Theorie der schoone kunsten en wetenschappen (Utregt: G. T. van Paddenburg, wed. J. van Schoonhoven en G. van den Brink, Jansz., 1780). Daarin publiceerde Van Alphen een brief als antwoord op het commentaar dat De Perponcher schreef naar aanleiding van het eerste deel uit 1778. Uit de inhoudsopgave van de twee delen blijkt de reikwijdte van de opstellen

1787

Een herdruk uit 1787 van de Proeve van kleine gedigten voor kinderen verscheen onder de titel: Kleine gedichten voor kinderen. Utrecht: Wed. J. van Terveen en Zoon, 1787. Deze uitgave bevat een Voorberigt, ondertekend (met pen) door de Wed. J. Terveen, waarin wordt vermeld dat wegens succes de drie stukjes in een bundeltje samen zijn gevoegd. Eén van de successen was het nog steeds vermaarde gedicht over Jantje die pruimen zag hangen 'o! als eieren zo groot'.

1788

Ook in 1788 verscheen een uitgave met muziek: Stigtelijke digtstukjes van H. van Alphen, op muziek gebragt door F. Nieuwenhuysen. Te Utrecht, bij de Wed. Jan van Terveen en Zoon, en G. van den Brink, Jansz., 1788.

1798

In 1798 publiceerde een andere uitgever een muziekeditie: Kleine gedichten voor kinderen. Te Amsteldam, bij J. Woertman, 1798.

Eind 18de eeuw

Eind achttiende eeuw (waarschijnlijk in de jaren tachtig) verscheen een uitgave met muziek van C.E. Garf, wiens naam op de titelpagina vernederlandst werd: Kleine gedigten voor kinderen. In muziek gezett door C.E. Graaf. Te Amsterdam, by Markordt, [s.a.].

1800

Van Alphen publiceerde in 1800 een gedicht voor zijn zoon op diens ziekbed in een bundeltje met meer van zulke gedichten: Ter gedagtenis. [S.l.]: [s.n.], 1800. Het boekje werd gedrukt in 's-Gravenhage bij J. Thierry en C. Mensing.

1824

Circa 1824 verscheen een editie van Van Alphens gedichten met muziek van C.F. Ruppe: Twaalf stukjes uit de Gedichtjes voor kinderen. Door H. van Alphen ; op muzijk gebragt voor den zang en piano-forte door C.F. Ruppe. Leyden: [C.F. Ruppe], [ca. 1824].

1840

Omstreeks 1840 verscheen een uitgave met muziek van W.G. Hauff: XV kleine schoolliederen van Mr. Hieronijmus van Alphen voor piano en zang. Gecomponeerd door W.G. Hauff. Groningen: Oomkens, [ca. 1840].

1846

In 1846 publiceerde 'Een student' een parodie op Van Alphens gedichten: Kleine gedichten voor de lieve jeugd aan de hoogere scholen: naar Mr. Hieronymus van Alphen. Door Een Student. Amsterdam: Spijker, 1846. Die student was Henricus Fabius (1827-1893), bij verschijnen dus 19 jaar.

1847

In 1847 publiceerde uitgever Fuhri het Groot Nederlandsch prentenboek met zeven honderd houtgravuren: allerlei voor kinderen, die al groot zijn en ook voor hen die nog veel moeten groeijen, die naar school gaan en die nog niet naar school gaan, die enkel naar de prenten kijken en die ook naar de letters zien, die heel knap zijn en die nog niemendal weten, die nog spelen en die niet meer spelen, en voor alle andere groote en kleine kinderen. Met bijschrift van W.J. van Zeggelen en A. Ising. 's-Gravenhage: K. Fuhri, 1847. Daarin is ook een portret van Van Alphen te vinden

1865

In 1865 publiceerde De Génestet bij uitgever Kraay in Amsterdam een redevoering waarin hij kritiek uitte op de gedichten van Van Alphen. Van deze publicatie verscheen in 1980 een fotomechanische herdruk: Over kinderpoëzy: eene voorlezing, gehouden te Rotterdam in de Hollandsche maatschappy van fraaije kunsten en wetenschappen. Door P.A. de Génestet. Culemborg: Educaboek, [1980].

1903

De kindergedichten van Van Alphen werden ook in de twintigste eeuw een aantal keren herdrukt, zoals in deze uitgave van omstreeks 1903: Kleine gedichten voor kinderen. Rotterdam: D. Bolle, [ca. 1903] .

1973

De biografie van Hiëronymus van Alphen werd geschreven door P.J. Buijnsters en verscheen in 1973: Hiëronymus van Alphen (1746-1803). Assen: Van Gorcum & Comp., 1973.