De Nederlandsche Mercurius
Jaar:
(1828 - 1829)
Uitgeverij:
P. Meijer Warnars

'Op maandag 4 Mei is Menschenhaat en Berouw voor eene talrijke saamgevloeide schaar van tusschen dienst zijnde of op trouwen staande maagdekens en haare neeven of vrijers vertoond geworden'. Aldus het begin van een recensie in de Nederlandsche Mercurius. Tijdschrift aan de beoefenaren van fraaije kunsten en wetenschappen gewijd. De maagdekens, neeven en vrijers uit de gegoede burgerij konden bij de Mercurius behalve voor toneelrecensies terecht voor boekbesprekingen van Nederlandse en buitenlandse literatuur, te verschijnen boeken en beschouwingen over poëzie. Het in deze jaargang opgenomen verslag van een reis van zeventien uur per diligence van Amsterdam naar Arnhem toont aan dat de gemiddelde beoefenaar van fraaie kunsten en wetenschappen niet met het openbaar vervoer reisde: 'ik zat zoo benaauwd, dat ik onmogelijk in mijn zak kon om mijn neusdoek uit te halen. Bij de minste beweging die ik deed, duwde de dikke heer mij zijn elleboog in de maag, al roepende: wat zit men ongemakkelijk in zoo'n kast!' (EG)

Aanvragen

Nr. 36, woensdag 13 mei 1829

Nr. 36, woensdag 13 mei 1829