Album amicorum van Gerard van Hacfort en van Poppe van Feytsma

De bakermat van het album amicorum was Wittenberg. Nederlanders namen de gewoonte vanaf 1564 over van Duitse studenten, met wie zij traditioneel verenigd waren in de zogenaamde Natio Germanica. Zowel Gerard van Hacfort als Poppe van Feytsma begonnen een album amicorum in Douai, in de jaren ’70 van de zestiende eeuw.

Gerard verzamelde daar 35 en Poppe 22 bijdragen van Nederlandse en Duitse medestudenten. Die waren vrijwel zonder uitzondering net als zijzelf van adel. De bijdragen zijn voorzien van fraai geschilderde geslachtswapens (op kosten van de inscribenten). In die jaren zat er in Douai een handige wapenschilder die een gat in de markt ontdekte: bij hem konden schrijvers naast hun wapen ook hun portret laten afbeelden. Het album van Gerard bevat drie en dat van Poppe zeven portretten van studenten.

Poppe sloot zijn studiereis af in het wereldse Parijs. Gerard deed zoals het een ‘goed’ katholiek betaamde en ging naar Italië. Daar verzamelde hij onder meer een reeks plaatjes van Italiaanse dames en ‘vreemde’ fenomenen, zoals de Venetiaanse gondel.

Album amicorum van Gerard van Hacfort. Aanvraagnummer 77 L 41
Album amicorum van Poppe van Feytsma. Signatuur 79 J 20